Hoe ik werk
Mijn werk begint niet bij een programma.
Het begint bij het moment waarop iemand moet handelen
en het lastig wordt om goed te handelen.
Wanneer druk oploopt.
Wanneer belangen botsen.
Wanneer emoties meespelen.
En wanneer iemand moet kiezen
welke richting hij volgt
en welke positie hij inneemt.
Daar ontwerp ik omheen.
Niet vanuit theorie.
Niet vanuit standaardmodellen.
Niet vanuit wat werkt in contexten die identiek lijken maar toch nét anders.
Maar vanuit de realiteit van het werk
waarin keuzes gevolgen hebben
en de omgeving actief meespeelt.
Ik werk met mensen in verschillende sleutelposities:
leidinggevenden, professionals zonder formele macht en management trainees.
Wat hen bindt, is niet hun titel,
maar dat van hen wordt verwacht
dat zij invloed uitoefenen
in situaties waarin druk oploopt
en veel belangen tegelijk spelen.
Ik start bij het moment waarop handelen wordt getest
Ik start niet vanuit ontwikkeldoelen, bekende leiderschapskaders of breed toegepaste modellen.
Ik begin met concrete situaties waarin mensen vastlopen
of dreigen terug te vallen.
Bijvoorbeeld:
wanneer meerdere belangen tegelijk spelen
wanneer resultaat, relatie en rol met elkaar botsen
wanneer spanning en emotie het denken vertroebelen
wanneer uitstellen of aanpassen veiliger voelt dan kiezen
Het gaat dan niet over omgaan met spanning of weerstand in het algemeen.
Het gaat over hoe die tegendruk zich uit in de specifieke praktijk van de organisatie.
Dat zijn de momenten waarop zichtbaar wordt of iemand effectief kan blijven handelen.
Voor leidinggevenden gaat het vaak over
richting houden terwijl prestaties blijven drukken.
Voor professionals zonder formele macht
over invloed uitoefenen zonder formeel mandaat.
Voor management trainees
over positie kiezen in een krachtenveld
dat zij nog niet volledig overzien.
Ik ontwerp voor effectief handelen onder hoge druk
Mijn werk draait niet om het bieden van inzicht in hoe invloed en effectief leiderschap werkt.
Mijn werk richt zich op iets anders:
daadwerkelijk invloed uitoefenen en effectief handelen op de momenten dat die inzichten getest worden en vaak niet voldoende blijken: daar waar druk, spanning en belangen samenkomen.
Ze moeten daarvoor leren handelen onder die hoge druk.
Dat is waar mijn ontwerp zich primair op richt: programma’s zo ontwerpen en uitvoeren, dat deelnemers niet kunnen blijven hangen in voorzichtigheid, analyse, of goede bedoelingen.
Ik help met wat nodig is als ze terugkeren in de dagelijkse praktijk:
scherp waarnemen wat er in díe momenten gebeurt
hun eigen spanning en emoties reguleren ín het moment
zodat die het handelen niet overnemenkeuzes maken wanneer niet alles te overzien is en die keuzes vol te houden
positie innemen wanneer belangen voelbaar botsen
handelen en blijven handelen op een manier die past bij hun rol, ambities en verantwoordelijkheid
Het programma werkt pas
wanneer dit handelen ook buiten de trainingsruimte
herkenbaar en houdbaar blijft.
Spanning en emotie zijn geen bijzaak, maar onderdeel van het vak
Spanning is geen doel.
Maar het is ook geen ruis.
Het is de context waarin leiders moeten presteren.
Daarom leer ik mensen niet om spanning te vermijden
of emoties weg te duwen,
maar om ze te herkennen, reguleren en functioneel te gebruiken.
Dat betekent:
helder blijven denken onder druk
besluiten nemen terwijl niet iedereen mee is
gesprekken voeren waarin zowel resultaat als relatie tellen
voorkomen dat handelen reactief, vermijdend of defensief wordt
Het gaat niet om “moed tonen”.
Het gaat om vaardig handelen
wanneer eenvoud geen optie is.
Ik ontwerp ook voor richting en positie, niet alleen voor reactie
Effectief handelen onder druk vraagt meerdan reageren op wat zich aandient.
Een essentieel onderdeel van mijn werk is dat mensen
expliciet kiezen:
waar zij voor staan in hun rol
welke positie zij innemen
welke prioriteiten leidend zijn
wanneer de druk toeneemt
Die keuzes worden niet pas gemaakt
op het moment dat het spannend wordt.
Ze worden vooraf scherp gezet
en vervolgens getest in lastige situaties.
Dat maakt handelen consistenter,
minder afhankelijk van de waan van de dag
en beter verdedigbaar in de organisatie.
Ik ontwerp samenhang, geen losse interventies
Ik werk niet met losse trainingen
die op zichzelf moeten werken.
Ik ontwerp samenhangende programma’s
waarin situaties, keuzes en rollen met elkaar verbonden zijn.
Wat in een vroeg stadium gebeurt,
werkt door in volgende stappen.
Die samenhang maakt het mogelijk om:
richting vast te houden
terugval bespreekbaar te maken
gedrag over tijd te verdiepen
en nieuwe patronen daadwerkelijk te laten landen
Samenhang is geen luxe.
Het is een voorwaarde voor effect.
De omgeving hoort bij het ontwerp, maar met duidelijke grenzen
Gedrag ontstaat nooit los van de omgeving.
Daarom kijk ik altijd naar de context
waarin mensen moeten handelen.
Niet om die context “op te lossen”.
Niet om organisatieadvies te geven.
Wel om scherp te krijgen:
waar effectief handelen wordt ondersteund
waar het wordt afgeremd
en wat dit vraagt van ontwerp, verwachtingen en positionering
Zonder die afstemming
blijft zelfs het beste programma kwetsbaar
Ik werk selectief
Niet elk vraagstuk is geschikt voor dit type werk.
En niet elke organisatie is daar op elk moment klaar voor.
Daarom begin ik met afstemmen.
Een gesprek waarin we samen onderzoeken:
waar het in de praktijk vastloopt
wat dit vraagt van mensen in hun rol
hoe een programma ontworpen moet worden
om effectief handelen onder druk mogelijk te makenen wat dit vraagt van de organisatie op dit moment
Soms leidt dat tot een programma.
Soms tot een herontwerp.
En soms tot het besluit om het nu niet te doen.
Ook dat is resultaat.
Wat dit vraagt van een organisatie
Dit werk vraagt geen perfect uitgangspunt.
Wel bereidheid om:
spanning niet te vermijden
keuzes niet uit te stellen
verantwoordelijkheid te nemen voor de context
waarin nieuw gedrag moet werken
Met dat vertrekpunt
ontstaat ruimte voor leiderschap
dat ook onder druk effectief blijft.
Afstemmen
Als dit resoneert,
is afstemmen de logische volgende stap.
Niet om te verkopen.
Maar om scherp te krijgen
of en hoe dit vraagstuk nu ook daadwerkelijk kan worden opgepakt.